In De verloofde van de postbode ontmoeten we opnieuw postbode Bilodo, hoofdpersoon van ‘De eenzame postbode’. Na het lezen van dit prachtige boek was ik in de veronderstelling dat Bilodo op tragische wijze om het leven was gekomen, op dezelfde wijze als de persoon wiens leven hij zich had toegeëigend. Niets blijkt echter minder waar.
Vanuit het perspectief van Tanja, serveerster in het restaurant waar Bilodo zijn lunchpauze houdt, beleven we het verhaal van de eenzame postbode opnieuw. Voor wie De eenzame postbode gelezen heeft, is er een herkennen van verhaalelementen, maar dat is absoluut niet noodzakelijk om van De verloofde van de postbode te kunnen genieten.
Tanja is verliefd op Bilodo en probeert zijn aandacht te trekken, hetgeen de collega’s van Bilodo niet ontgaat. Bilodo leeft echter in zijn eigen wereldje van, naar later blijkt, zijn correspondentie in de vorm van haiku’s met Ségolène, waarbij hij zich voordoet als de overleden Grandpré. Na een vervelend voorval lijkt de kans op een mogelijke relatie met Bilodo voor Tanja zo goed als verkeken. Ze kan hem echter niet helemaal loslaten en besluit hem op te zoeken om op zijn minst de verstandhouding van voor het voorval terug te krijgen.
Het levert echter niets op en vlak daarna is Tanja getuige van het ongeluk dat Bilodo overkomt bij het posten van zijn brief aan Ségolène. Hier neemt het verhaal een compleet andere wending, want Bilodo blijkt niet te zijn omgekomen, maar wordt gereanimeerd door Tanja en komt met hersenletsel in het ziekenhuis terecht. Bilodo wordt in coma gehouden en Tanja brengt bijna al haar tijd aan zijn bed door.
Als Bilodo bijkomt, blijkt hij aan ernstig geheugenverlies te lijden. Tanja maakt hiervan gebruik en presenteert zich als zijn verloofde. Wat een ironie: de bedrieger bedrogen! Tanja doet alle mogelijke moeite om Bilodo te overtuigen van hun gezamenlijke verleden en zo de door haar gewenste relatie in stand te houden. Een citroentaart gooit echter roet in het eten. Als Bilodo zijn herinneringen weer terug heeft, vertrekt hij halsoverkop naar Guadeloupe om Ségolène te ontmoeten.
Thériault weet op overtuigende wijze deze verhaallijn af te ronden en Bilodo en Tanja aan elkaar te verbinden. Uiteindelijk komt het verhaal weer terug bij de haiku’s van Grandpré en herhaalt de geschiedenis zich ‘als de tijd lussen maakt’.
Met De verloofde van de postbode schreef Thériault opnieuw een prachtig verhaal dat je verrast en ontroert.
‘Al twee jaar lang gaf hij zich over aan deze illegale activiteit. Het was een misdaad, daar was hij zich van bewust, maar het schuldgevoel was niet meer dan een flets spook vergeleken bij de oppermachtige nieuwsgierigheid.’ Een postbode die stiekem de post die hij moet bezorgen open stoomt is de hoofdpersoon van dit ontroerende en bizarre verhaal. ‘Liever dan de vaalheid van het werkelijke bestaan had hij zijn innerlijke feuilleton, dat zoveel kleuriger en rijker aan emoties was, en van alle verboden brieven die dit zo opwindende virtuele wereldje vormden, waren er geen die hem teergevoeliger maakten en meer in verrukking brachten dan die van Ségolène.’